Marcant.

Ajax zat aan het einde van het vorig seizoen in een identiteitscrisis. Het aantrekken van Tadic en Blind in de zomer veranderde toen de stemming. Na de mokerslag in de Kuip waar de godenzonen met 6-2 van het veld geblazen werden en het 1-0 verlies tegen Heracles, dreigt een nieuw debacle. Kijk, bij een topclub als Ajax is er altijd druk om te presteren. Om kampioen te worden. Er is altijd roering. Hoe kan het nu dat er al jaren niet geleverd wordt? Er geen prijzen gepakt worden. En nog veel erger, waar gaat het met die typische voetbalidentiteit van Ajax naar toe? Technische dribbelaars, spelers die de flanken kunnen bezetten. Godenzonen als Litmanen, Bergkamp. Stapje voor stapje zie je de identiteit van Ajax de afgelopen jaren afbrokkelen. Ajax is Ajax niet meer. Met aan het roer van de destructie Marc Overmars. Financieel misschien zeer succesvol, maar de liefde voor het voetbal totaal uit het oog verloren. Een reconstructie.

Marc Overmars en ik hebben een speciale band. Marc zelf weet dit overigens misschien niet, maar de maakt onze band niet minder aanwezig. We schrijven 20 december 1995. Overmars speelt de inhaalwedstrijd tegen De Graafschap en blesseert zich. Buitenmeniscus beschadigd en voorste kruisband finaal afgescheurd. Ai. Ik zag het op de televisie gebeuren. Eén dag later, op het trainingsveld bij mijn lokale voetbalclub, mis ik een net iets te fel ingezette tackle tijdens een vier-tegen-vier. Scheenbeenbreuk met anderhalf jaar revalidatie aan mijn broek. Als linksbuitenspelers met als wapen snelheid, een zware blessure en een lange revalidatie periode voor de boeg schept dat toch een band. Marc moet dat ook zo gevoeld hebben.

Het technische hart is in de jaren volgend volledig uitgedund. De groep rondom Wim Jonk is vakkundig geëlimineerd. Andere coryfeeën als Dennis Bergkamp zijn weg.

De val van Overmars op het bevroren veld van het Olympisch stadion luidde destijds een neergaande spiraal in. Eind 1995 was het Ajax van Louis van Gaal op de top van hun prestaties. In een opeen schakeling van gebeurtenissen werd het team kwetsbaar. Vervanger Reuser brak zijn scheenbeen én kuitbeen een week later. De krappe reservebank bleek uiteindelijk het gemis van deze exceptionele kwaliteiten niet te kunnen opvangen. De winnaar van de Champions League en de wereldbeker lijdt in ’96 zijn eerste eredivisienederlaag in ruim anderhalf jaar bij mij in ‘de achtertuin’. Bij Willem II. Ajax wint nog wel het kampioenschap en haalt de finale tegen Juve. Maar het hechte team van Van Gaal is uit elkaar gevallen. De glorietijd is helaas voorbij.

Sindsdien, als Marc in het nieuws komt, volg ik zijn dadendrang met bovenmatige interesse. Zijn transfers als voetballer naar Barcelona en Arsenal, zijn prestaties in het Nederlands elftal. Maar vooral het carrière pad na het voetballen. Eerst als directeur betaald voetbal bij eerste liefde ‘De Eagles’. En als directeur spelersbeleid bij de AFC. Onder aansturing nota bene van deze voor Ajax zo typerende linksbuiten is de club haar identiteit aan het verliezen. Een kentering ingezet door Marc zelf begin december 2015. Wim Jonk wordt afgezet als hoofd opleidingen en daarmee komt er ook een einde aan huwelijk met Johan Cruijff. Iets wat later met het overlijden van deze geniale voetballer een droevig definitief feit bleek te worden. De eerste ronde als koning van de apenrots werd in het voordeel van Marc beslist. Maar hiermee veranderde hij misschien ook wel de kern van de opleiding van Ajax. Steeds meer krijgt het een fysiek karakter en verdwijnt het technische voetbal, zo kenmerkend voor de Ajaxopleiding, naar de achtergrond. Met Marc aan het roer blijft het turbulent in de hoofdstad.

Ik vrees dat dit recept onomkeerbaar blijft met Marc aan de macht. Hij acteert meer als een CFO die in de investeringswereld aandeelhouders tevreden moet stellen.

Het technische hart is in de jaren volgend volledig uitgedund. De groep rondom Jonk is vakkundig geëlimineerd. Andere coryfeeën als Dennis Bergkamp zijn weg. De nodige trainerswissels volgden nadat succescoach De Boer was vertrokken. In dezelfde periode werd er veel geld verdiend aan transfers, maar bleef slagkracht in aankopen uit. Met Overmars aan het roer van deze onvrede. Oud Go Ahead vriend Ten Hag is inmiddels aangesteld als coach om de boel op de rit te krijgen. Niets tegen Ten Hag, een prima kerel, maar een trainer met zelf geen enkele aansprekende prestatie als speler en/ of trainer op de troon zetten, is niet des Ajax. En niet wat Ajax nodig heeft. Daarbij zie je gewoon dat Ten Hag aan zijn lot wordt overgelaten. Er is geen enkele begeleiding of echte ondersteuning vanuit het management. Een verliezende combinatie als je het mij vraagt.

Iedereen is vanaf het begin van dit seizoen lyrisch over Marc’s recente aankopen van Blind en Tadic. Met respect gezegd, je gaat toch geen 26 miljoen neerleggen voor een speler als Blind die in de Premier League niet meer bij een topclub aan de bak komt? Om een ‘verloren zoon’ terug te halen? Het is geen Dirk Kuyt die Feynoord zowat in zijn eentje kampioen maakte. Begrijp me niet verkeerd, een goede voetballer. Leuk voor Daley, maar niet een tactische meesterzet die je bij Ajax verwacht. Trek dan echt de portemonnee als Overmars en koop een leider. Iemand die de kar trekt als het minder gaat. Die opstaat als het echt moet. De ‘jonkies’ als De Ligt en De Jong, die deze ervaring missen, meenemen in de strijd. Kwaliteiten die Blind zeker niet bezit. Dusan Tadic heeft die kwaliteiten ook niet echt in zich en valt door de mand nu het tegenzit. Al 4 jaar lang geen kampioenschap, geen bekerwinst nationaal. De zeer matige herstart in de lopende competitie lijkt weer op de bekende haarscheuren van de afgelopen seizoenen. Ik hoop voor Ajax dat Real Madrid en Feyenoord niet hun beste voetbal meenemen de komende weken. Anders dompelen de Amsterdammers zich opnieuw in een diepe crisis.

Ik vrees echter dat dit recept onomkeerbaar blijft met Marc aan de macht. Hij acteert meer als een CFO die in de investeringswereld aandeelhouders tevreden moet stellen. En je moet hem nageven, daar is hij succesvol in. Er worden miljoenen verdient aan transfers. Het wordt echter tijd dat bij Ajax orde op zaken wordt gesteld. Sportieve successen moeten de intrinsieke drijfveer zijn. Aankopen moeten bijdragen aan die typische Ajax identiteit. En een gemis aan kwaliteiten van anderen aanvullen. Waar is die middenvelder met meer diepgang? Een echte centrale verdediger naast De ligt? Andere belangen prevaleren nu, lijkt het wel. Zo verliezen ze niet alleen titels in Amsterdam, maar vooral dat waarom liefhebbers over de hele wereld graag naar Ajax kijken. De liefde voor aanvallend voetbal. Bespelen van de zijkanten. Een dribbel. Die splijtende pass van een stylist. En dat vervaagt steeds meer juist door een speler die deze typische kenmerken in zijn spel had zitten. ‘Marcant’, zou ik zeggen.

Een droom in een krankzinnige wereld

Lee Majors, ken je hem nog? ‘De man van 6 miljoen.’ Midden jaren ’70 een populaire Amerikaanse televisieserie over een astronaut die na een ernstig ongeval wordt ‘herbouwd’ met moderne technologie. Die ‘bionica’ kostte bij elkaar zes miljoen dollar, vandaar de titel van de serie. Een mega bedrag vond ik toen als 7-jarig jongetje. Maar je kreeg wel een half mens, half robot met bovenmenselijke superkrachten. Een andere held uit die periode voor mij was Roel Dijkstra. Hoofdpersoon in de gelijknamige strip. Roel is een blonde Nederlandse voetballer die uitgroeit tot een internationale voetbalheld. Hij start zijn carrière bij de lokale voetbalclub, die uitkomt in de tweede divisie. Zijn voetbalkwaliteiten blijven niet onopgemerkt en een internationale transfer kan dan ook niet uitblijven. Hij vertrekt naar het Verenigd Koninkrijk waar Dijkstra raakt verwikkeld in allerlei avonturen. Op een of andere causale manier moest ik direct aan deze twee jeugdhelden denken, toen definitief bleek dat Frenkie de Jong voor een slordige 86 miljoen naar FC Barcelona verkast. Als een jongensboek dat uitkomt met als hoofdpersonage een bovennatuurlijke voetballer.

Als hij straks het vliegtuig pakt naar de Spaanse zon, heeft hij zo’n 50 wedstrijden in Ajax 1 gespeeld.

Dat de sportwereld, en voetbal in het bijzonder, astronomische bedragen betaald voor een individuele speler, daar kijkt niemand meer van op. De transfersom van 86 miljoen Euro inclusief bonussen maakt Frenkie de duurste Nederlandse voetballer ooit. Je betrapt jezelf er bijna op dat dit soort bedragen normaal zijn geworden in het hedendaagse voetbal. De waanzin ervan even in perspectief plaatsen. RKC Waalwijk ontvangt een soort van royalty’s bij deze transfer, omdat Frenkie in de gemengde opleiding van RKC en Willem II is ontwikkeld als voetballer. Dit zijn vooraf vastgestelde percentages bij de doorverkoop van een speler. In dit geval incasseert de club uit Waalwijk 5 miljoen. Een miljoen meer dan de gehele jaarbegroting van deze profclub. Als je daar slim mee omgaat verzeker je jezelf van een gezonde bedrijfsvoering voor een aantal jaar. Voor Willem II is het nog gekker. Zij houden er zo’n slordige 9 miljoen aan over. Dit alles in de wetenschap dat Frenkie slechts 1 wedstrijd gespeeld heeft in het eerste elftal toen hij onder contract van de tricolores stond. Absurd, realiteit? Beide is waar denk ik.

Voor Frenkie de Jong is dit letterlijk een droom die uitkomt. Spelen in Nou Camp bij het grote FC Barcelona samen met zijn idool Lionel Messi. Naar horen zeggen schrijft hij de komende vijf jaar een slordige 50 miljoen salaris op zijn rekening bij. Een prettige bijkomstigheid. De nuchterheid van Frenkie zelf lijkt niet aangetast. Mega media-aandacht, duizelingwekkende bedragen, torenhoge verwachtingen en dan zie je hem vervolgens geheel op zijn karakteristieke wijze een interviewtje doen. De gehaktballen van oma blijven toch wel de lekkerste en je moet niet verbaasd zijn als Frenkie in de Catalaanse hoofdstad gewoon op de fiets naar zijn werk gaat. Deze mentaliteit, herkenbaarheid en aaibaarheid maakt Frenkie nu al tot een marketing kanon en een nationale sportheld. Samen met Max zijn het de nieuwe ideale schoonzonen. Van die beleving kan ik als liefhebber natuurlijk wel genieten.

Bizar blijft het wel. De voetbalwereld. Als we feitelijk kijken, heeft Frenkie namelijk nog helemaal niets bijzonders in deze maffe voetbalarena gepresteerd.

Bizar blijft het wel. De voetbalwereld. Als we feitelijk kijken, heeft Frenkie namelijk nog helemaal niets bijzonders in deze maffe voetbalarena gepresteerd. Ja, hij heeft een gave carrière ontwikkeld en speelt nu in het eerste van Ajax. Speelde een lekkere pot tegen Frankrijk. Maar in de zin van prijzen, titels, bijzondere hoogtepunten op zijn palmares die de waarde van 86 miljoen staven? Op eredivisieniveau komt hij eigenlijk pas net kijken. Vanuit de lokale ASV Arkel ging hij bij Willem II de jeugdopleiding volgen. Daar speelde hij letterlijk één pot op het hoogste niveau. In 2015 tekende hij een contract in Amsterdam en pas in september 2016 debuteerde Frenkie onder Peter Bosz. Onder Keizer werd hij na een paar wedstrijden naar de bank verwezen. Als hij straks het vliegtuig pakt naar de Spaanse zon, heeft hij zo’n 50 wedstrijden in Ajax 1 gespeeld. Dat maakt de in potentie geniale middenvelder geen hardcore ‘godenzoon’. Ook in de Nederlandse jeugdelftallen was hij geen vaste waarde. Gisteren in een onvergetelijke Klassieker werden de voetballers uit Ajax afgedroogd in een euforische Kuip. De 6-2 kwam als een mokerslag aan. Tien goals tegen in twee wedstrijden is ongekend. Top talenten De Ligt en De Jong lieten het afweten. Waren niet bij macht om een ommekeer te veroorzaken. Gelukkig toch niet bovennatuurlijk.

Deze feiten doen uiteraard niets af aan de voetbalkwaliteiten van Frenkie en het feit dat je hem al het goeds gunt. Zelf weet hij dit maar al te goed. Als de pers hem al op de positie van Sergio Busquets plaatst, positioneert hij zichzelf in de achterhoede. ‘Eerst maar eens vaste waarde worden in het team’. En na de dikke nederlaag tegen Feyenoord analyseerde hij feilloos de zere punten binnen het team. Dat vind ik knap en mooi. Je kop niet gek laten maken en focus hebben op je persoonlijke doel of droom. Een eigenschap die je ver kan brengen. Echter de krankzinnigheid binnen de voetbalwereld is voor mij met deze megatransfer opnieuw aangetoond. ‘Wat de gek ervoor geeft’ zou je bijna zeggen. Zoals zijn eigen vader het netjes omschreef: ’90 miljoen,…. het is eigenlijk best gênant’.

Een beslissend moment

Na nog geen halve ronde plaatste Mathieu van der Poel zijn versnelling. De rest van de renners tijdens de veldrit in Ruddervoorde kon geen antwoord geven. Vanaf dat ene moment was deze superprestigecross beslist. Halverwege had onze Europese kampioen zijn voorsprong al uitgebouwd tot een halve minuut, en op twee ronden van het einde zelfs een minuut. Het enig hachelijke moment was eigenlijk de eerste scherpe bocht na de start. Traditioneel in Ruddervoorde, een begrip en klassieker in veldritland, komen renners hard op deze bocht aangereden en willen dan nog weleens vallen. Ook nu was dat het geval. Mathieu kwam ongeschonden uit de strijd om vervolgens met die ene versnelling de wedstrijd naar zijn hand te zetten. Eentonig of saai? De wedstrijd in ieder geval beslist.

In die saaiheid zit ook namelijk iets moois verweven.

In de zesde minuut werd door een charge van Feyenoord verdediger St. Juste de Klassieker beslist. Voetbalkraker Ajax – Feyenoord stond voor het eerst dit seizoen op het programma. Na interventie van de videoscheidsrechter werd een gele kaart omgezet naar een terecht rode door een grove tackle op de benen van zijn Ajax opponent. De beleving van de Klassieker was daarmee voor het publiek wel voorbij. Een echt spektakelstuk bleef namelijk uit. Met 10 man spelen in de Arena tegen een in vorm zijnde tegenstander is een recept tot verlies. De Amsterdammers wisten de vrije man ieder keer te vinden en bouwden vakkundig een voorsprong uit naar 3-0. Knap. Een paar speldenprikken daargelaten had Feyenoord niets in de pap te brokkelen. In de 6e minuut was het vonnis al voltrokken. Monotoon of vervelend? De wedstrijd in ieder geval beslist.

Van de start naar de eerste bocht op het circuit Autodromo Hermanos Rodriguez is het ongeveer 890 meter. Met vier auto’s breed kwamen de racers af op deze smalle curve. Verstappen trapte het laatste op de rem en verzekerde daarmee dat hij de leiding nam vanaf de eerste startrij. De voorsprong die hij vervolgens bijeen wist te rijden, zegt genoeg over zijn kwaliteiten. Verstappen was ondanks zijn motorzorgen in de slotfase een klasse apart en trok volkomen verdiend aan het langste eind. Mexico werd opnieuw ‘Maxico’. Voor het tweede jaar op rij pakte Verstappen hier een overwinning en brengt zijn totaal nu op 5 GP-zeges. Slaapverwekkend of langdradig? De wedstrijd in ieder geval beslist.

Zie de schoonheid van de actie. En de inspanning om dat beslissende moment te converteren in winst.

Dat ene beslissende moment maakt voor menig toeschouwer de rest van de beleving doodsaai. Verstappen en Van der Poel hebben we bijna niet meer in beeld gezien. Geen mooie inhaalacties of gevechten in de baan. Het grote publiek ervaart dus een soort van optocht of verplicht nummer totdat de sporter de finish bereikt. Voor mij als sportfanaat hebben die momenten juist een enorme aantrekkingskracht. In die saaiheid zit ook namelijk iets moois verweven. Er zat een venijnig zandklimmetje in het veldrit parcours, waar elke renner afstapte. Mathieu probeerde elke ronde de top te bereiken zittend op zijn fiets. Hij etaleerde zijn fietsbeheersing en elke ronde reed hij verder die berg op. Zo hield hij focus en uitdaging in een anders eenzame race. Verstappen deed niet anders. Als je na die eerste bocht nog 70 ronden te gaan hebt, focus je jezelf door kleine doelen te stellen. Een wedstrijd in de wedstrijd. Dat kan een rondetijd zijn of dat zandklimmetje. Wat voor ons toeschouwers er aan de oppervlakte oninteressant uit ziet, is voor een sporter in zo’n positie juist zijn grootste valkuil. Verlies van focus, ‘in slaap sussen’ kan direct leiden tot een onherstelbare fout. Het verlies van de wedstrijd die je in je greep hebt.

Memorabele momenten zijn er altijd in de sport. Iedereen herinnert zich ‘de hand van God’ door Diego Maradona met zijn goal tegen Engeland op de wereldkampioenschappen voetbal. Het “hij staat, hij staat” bij de gouden oefening van Epke Zonderland. Iconische, ontroerende momenten. Denk eens aan het afscheid van Marco van Basten van het publiek van AC Milan of opnieuw pluisje met zijn warming up in het stadion van Napoli op ‘life is life’. Of pijnlijke momenten. De wissel van Sven Kamer op het ijs van Richmond voor zijn olympische 10 kilometer. Misschien zijn beslissende momenten niet altijd van dit legendarische niveau. Maar saai? Zeker niet. Zie de schoonheid van de actie. En de inspanning om dat beslissende moment te converteren in winst.