Hero Herlings

De Geert Timmer bocht op het circuit van Assen was afgelopen weekend onder het zand bedolven. Zo’n 20.000 m3 was nodig voor het WK-parcours dat langs de roemruchte tribunes kronkelt. Voeg vervolgens de volgende ingrediënten toe: 25.000 uitzinnige bezoekers in dit decor, het meest prestigieuze kampioenschap van de motorcross én de unieke kans op de eerste Nederlander die wereldkampioen in deze koningsklasse kan worden. Resultaat. Een cocktail van sportbeleving op topniveau. De MXGP bezocht Nederland en Jeffrey Herlings bekroonde in eigen land een magisch seizoen. Wat Max Verstappen is in Formule 1, is Herlings in MXGP. Met één groot verschil. Hij is nu ook wereldkampioen op het allerhoogste niveau. Hero Herlings!

Niets aan deze titel is gestolen.

‘Niets aan deze titel is gestolen’, quote Herlings. In misschien wel één van de zwaarste sporten mondiaal is een blessure snel opgelopen. Een sleutelbeen is uiteindelijk maar een fragiel botje als je valt. Precies wat ‘The Bullet’ dit seizoen overkwam. Net als vorig jaar trouwens. Zijn eerste seizoen in de MXGP. De KTM-ster leek toen op weg naar zijn eerste titel. Al vroeg liep hij averij op door een gebroken middenhandsbeentje. In het verleden liep hij al twee wereldtitels in de MX2 mis door enkele zware blessures. Herling miste door deze sleutelbeenbreuk uiteindelijk maar één wedstrijd om vervolgens volgas zijn ‘fiets’ opnieuw door het mulle zand te sturen.

Een paar weken geleden zag ik hem aan tafel zitten bij Peptalk (sport talkshow op Ziggo Sport). Een spontane, nuchtere Brabander. Heerlijk ‘down to earth’ en overtuigd van zijn eigen gave en capaciteiten. Niet op een arrogante manier, integendeel. Zijn karakter gecombineerd met keihard werken, doorzettingsvermogen, discipline en een uitstekend team maakt hem nu wereldkampioen. Vergis je niet. Herlings ademt 24-uur per dag motorcross. Leeft als een monnik om het ultieme te bereiken. Hij viel bijvoorbeeld 10 kilo extra af om tijdens de start, een spectaculair onderdeel van de cross, in een betere positie te komen. Herlings, 24-jaar, had een straatlengte voorsprong op zijn naaste belager Antonio Cairoli. ‘Tony’ is zelf 9-voudige wereldkampioen, maar draagt dit jaar de titel over aan de nieuwe meester. De koning is dood. Lang leve de nieuwe koning.

Want wat doe je als je wereldkampioen bent en maanden op een streng dieet hebt gestaan? Juist. Een frietje mayo met frikandel bestellen.

Even wat feitjes rondom deze geweldenaar. In 2012 won Herlings de wereldtitel voor Red Bull KTM in de MX2-klasse inclusief negen Grand Prix overwinningen. De Brabander werd daarmee de eerste Nederlandse wereldkampioen sinds Pedro Tragter op zijn 125cc in 1993. In het seizoen 2013 prolongeerde hij op indrukwekkende wijze deze titel. Hij won een recordaantal races van veertien op rij. De Belgische motorcross legende Stefan Everts, zelf tienvoudig wereldkampioen, kwam tot twaalf achtereenvolgende zeges. Herlings is de jongste motorcrosser ooit die op achttienjarige leeftijd voor de tweede keer de wereldtitel won. Op 28 maart 2016 won hij zijn 50e Grand Prix en pakte in dat jaar zijn derde eindzege. Hét talent maakte de overstap naar de ‘grote jongens’ en zet in zijn tweede seizoen dit enorme succes weg.

Assen is inmiddels een gekkenhuis geworden. Iedereen wil met deze kanjer op de foto. Herlings geniet en neemt uitgebreid de tijd om zijn fans ook van dit succes te laten genieten. Hij realiseert zich heel goed dat hij het uithangbord is van de jeugd in deze sport. Toch is hij als fanaat direct ook bezig met de nabije toekomst. Koud over de finish van deze historische prestatie zet Herlings een nieuw doel. Hij wil het record van het meeste aantal grandprix zeges op zijn naam schrijven. Op dit moment in handen van Stefan Everts. Ik voel een tweede titel aankomen. De zondag bleef nog lang onrustig. Als het stof, zeg maar het zand, is neergedwarreld heeft Herlings nog een laatste karwei te klaren. Want wat doe je als je wereldkampioen bent en maanden op een streng dieet hebt gestaan? Juist. Een frietje mayo met frikandel bestellen. Heerlijk. Een bijzonder fenomeen. Hero Herlings!

‘Only for the happy few’

Ik baalde zelf een beetje van Kiki Bertens haar verliespartij op de US open. Met Bertens in een prima vorm en aan de ‘goede kant’ van het speelschema hoop je toch dat de nummer 13 van de wereld om de hoofdprijs kan meespelen. Een halve finale plaats had er zeker in gezeten, denk je dan. Misschien wel een eerste grandslamtitel. Opnieuw bewijst de sporter dat een topprestatie leveren al een enorme inspanning op zich is. Laat staan om continue bij de beste te horen. Bij herhaling. Overwicht. Continue in balans zijn. Mentaal onverwoestbaar. Mindere wedstrijden toch over de streep trekken. Omgaan met de druk. Verwachtingspatronen van jezelf en de buitenwereld managen. En nog vele andere factoren die overheersing in de weg kunnen staan. Dat is niet voor vele weggelegd. Dominantie in sport is een gave voor de ‘happy few’. Wat overigens niets af doet aan Kiki’s prima hardcourt wedstrijden met een kwartfinale plaats in Montreal en winst in Cincinnati.

Dominantie in sport is een gave voor de ‘happy few’

Mijn gedachten dwalen af naar in het oog springende toppers. De ‘happy few’ met deze aanleg. In het damestennis heeft Kiki een voorbeeld uit mijn jeugd die in staat was deze begaafdheid aan te boren. De Duitse Steffi Graf. Eind jaren tachtig tot midden jaren negentig presteerde deze veelzijdige speelster continue op topniveau. Ze won in totaal 22 grandslams in de singles en won als eerste tennisser de ‘golden slam’ (vier grandslams plus de Olympische gouden medaille). Acht keer sloot ze het jaar als nummer één van de wereld af. Dan kun je oprecht spreken van dominantie.

Tennis heeft meer van deze grootheden in de buitencategorie voortgebracht. ‘Pistol’ Pete Sampras. Goed voor 14 grandslamtitels en zes aaneensluitende jaren op de nummer 1 positie van de wereld. Dodelijk saai soms door zijn resultaat. De man die als eerste 1000 aces in een jaar bij elkaar sloeg en bekend stond om zijn service-volley spel en de befaamde ‘running’ forehand. Opgevolgd door Roger Federer. ‘King of the mountain’. De ideale schoonzoon heeft op dit moment zowat alle tennisrecords in handen in zijn jacht naar de 21ste grandslam. Een staaltje dominantie. Ter illustratie; de charismatische Zwitser bereikte tussen Wimbledon 2005 en het Australian Open 2010 18 grandslamfinales in 19 opeenvolgende toernooien. Ongekend.

Op het moment dat je naar deze sporters aan het kijken bent, wordt het soms voorspelbaar. Saai. Als een robot die automatisch een resultaat produceert.

In sommige mechanische sporten zoals Formule 1 of MotoGP heb je, naast extreem talent en wilskracht, de technische factor die sterk bepaald of je het verschil kunt maken. Wanneer jijzelf misschien de beste coureur op de grid bent, kan dit teniet gedaan worden door een inferieure racewagen of motor. Echter als de combinatie van techniek en talent er is, kun je ook snel tot grote hoogte stijgen. Michael Schumacher en Valentino Rossi zijn voor mij de voorbeelden van grootheden in hun sport. Rossi een 9-voudig wereldkampioen met een reeks van vijf op rij. Hij won in alle klasse een wereldtitel en schreef tot nu toe 115 overwinning op zijn palmares. Schumi won 7 wereldtitels, ook een reeks van vijf op rij en 91 zeges. Niemand die deze twee gladiatoren op het circuit zomaar passeert.

In Olympische sporten zie je soms een piek in dominantie tijdens de Spelen. Alle andere wedstrijden lijken voor die sporter dan puur in belang te staan van dat ene moment. Goud. Het hoogst haalbare. Kijk bijvoorbeeld naar Michael Phelps. Op de OS in 2008 (Peking) won hij een recordaantal van acht gouden medailles, waarmee hij het record uit 1972 van zijn landgenoot en collega-zwemmer Mark Spitz uit de boeken zwom. In totaal zwom Phelps in vier Spelen naar 23 gouden, drie zilveren en twee bronzen medailles, een totaal van 28. Hij is daarmee de succesvolste Olympiër allertijden.

Nummer 99. IJshockey legende Wayne Gretzky. Er is niemand die ook maar enigszins in de buurt komt van Gretzky’s totalen van 894 goals en 1963 assists.

Ook in Amerikaanse sporten heb je ‘happy few members’. Ik haalde in een andere blog al Tiger Woods aan. ‘The chosen one’ was op de top van zijn kunnen maar liefst 623 weken op rij de nummer één speler van de wereld (lees: Een major comeback in de maak ?! ). Denk ook eens aan ‘Nummer 99′. IJshockeylegende Wayne Gretzky. Er is niemand die ook maar enigszins in de buurt komt van Gretzky’s totalen van 894 goals en 1963 assists. Hij is bijvoorbeeld de enige speler ooit die meer dan 200 punten in één NHL-seizoen heeft behaald. En dat deed de ‘great one’ viermaal! Hetzelfde aantal keer dat hij de Stanley Cup veroverde. In zijn sport een ongevenaarde grootheid. In basketbal heb je natuurlijk Michael Jordan. Er is geen basketballer die de harten van zoveel mensen heeft beroerd als hij. Zijn spectaculaire sprongkracht werd een bezienswaardigheid. Met het legendarische Bulls team uit Chicago eiste hij in de jaren ’90 zes keer de titel op. Het record voor meeste overwinningen in een seizoen staat met 72 nog steeds in de boeken. Jordan wordt algemeen beschouwd als de allerbeste.

Door de jaren heen popt er regelmatig een pareltje in dominantie op. Iedere sport heeft voorbeelden. Sporters met die extra gave. Grootheden. Mentaal bijna onverwoestbaar. Tenminste voor het oog van de competitie. Zij die aan de top komen en daar continue blijven functioneren. Binnen een marginale bandbreedte ‘minder’ kunnen zijn. Zelden echt uit vorm. Om steeds weer op het allerbelangrijkste moment er te staan. Toe te slaan, te winnen. Te domineren. Op het moment dat je naar deze sporters aan het kijken bent, wordt het voorspelbaar. Soms bijna saai. De uitvoering als een robot die automatisch een resultaat produceert. Bedenk je dan dat je op dat moment naar een begaafde sporter kijkt. Naar iets speciaals. Alles behalve automatisch. Iemand die jarenlang alles eruit geperst heeft, gigantisch veel trainingsuren heeft gemaakt. Weerbaar is geworden in alle omstandigheden. Alles voor zijn of haar sport geeft. En in combinatie met talent en mentaliteit een ongelooflijke reeks aan het neerzetten is. Niks saai. Je beleeft de momenten van “one of the happy few”.

Een diepe buiging

Sportbeleving is er elke dag. Deze beleving wordt intenser als er extra context is tussen sporter en de geleverde prestatie. Een verhaal met een verbinding. Dit weekend hadden we twee voorbeelden bij de dames. Marianne Vos won de Ronde van Noorwegen. In de derde etappe sprintte ze opnieuw naar winst en maakte haar ‘hattrick’ compleet. Vos worstelde met haar vorm in de afgelopen jaren. Dat moet vreselijk zijn voor een meervoudig kampioen. Haar doorzettingsvermogen, de wil om te winnen en vooral haar plezier in het sporten zorgde dat ze opnieuw de smaak te pakken heeft. In een interview op Radio NPO 1 hoorde ik in haar stem de ‘struggle’ van de afgelopen periode, gevolgd door een oer motivatie om nog één keer te gaan knallen. Tokio 2020 is haar doel. In dit perspectief is de overwinning dus van enorm belang.

Iedereen herinnert zicht het kippenvel moment in het open water van Shunyi Park waar de 10 kilometer marathon werd gezwommen. Het allerzwaarste zwemonderdeel van de Spelen.

Kiki Bertens won in Cincinnati haar eerste toernooi op een hardcourt ondergrond. In een slopende driesetter versloeg ze de nummer 1 van de wereld Simone Halep. Voor ons supporters moeten we terug naar 2006 voor een laatste ATP-toernooi overwinning op hardcourt (Michaëlla Krajicek wint het Hobart International). Voor Bertens is dit de beste prestatie ooit in haar carrière. Een nieuwe mijlpaal. Een bevestiging van het harde werk van de afgelopen drie jaar. De onzekerheid wegnemend die ze soms heeft over haar eigen kunnen. Deze laatste horde is met deze prestatie misschien weggenomen. Een jump voor Kiki om mogelijk in de top 10 van de wereldranglijst te komen, op weg naar het winnen van een grandslam als eerste Nederlandse tennisster in het enkelspel.

Er stak echter één sporter bovenuit die de beleving en verbinding samenbracht dit weekend. Maarten van der Weijden. Als ik dit schrijf is hij onderweg naar de finish van zijn Elfstedenzwemtocht van 200 kilometer. Het iconische brugje bij Bartlehiem is hij gepasseerd op weg naar Dokkum. De meeste van ons maakte kennis met Maarten op de Olympische Spelen van Peking in 2008. Iedereen herinnert zicht het kippenvel moment in het open water van Shunyi Park waar de 10 kilometer marathon werd gezwommen. Het allerzwaarste zwemonderdeel van de Spelen. De aanmoedigingen van Pieter van den Hoogenband op de laatste meters van zijn gouden medaille race nog vers in het collectief geheugen. Die ontlading na deze eerste gouden medaille. Machtig.

Zijn verhaal is heel bijzonder. Een korte refresh, begin 2001 kreeg Maarten de diagnose acute lymfatische leukemie. In een halfjaar ziekenhuis opname onderging hij vier chemokuren en een stamceltransplantatie. Uiteindelijk duurde het hele proces ruim vier jaar om volledig te genezen. Zijn ziekte leerde hem om elk dag vol te leven. “Als je met zo’n ziekte in bed ligt, denk je niet meer in weken of maanden. Je voelt je zo rot en hebt zoveel pijn dat je blij bent dat het volgende uur voorbij is.” Die innerlijke kracht en zijn positiviteit heeft hij omgezet in topprestaties in zijn favoriete sport. Met het goud in Peking als ultieme beloning. Vanwege de samenhang van zijn prestatie,  zijn verhaal en zijn persoon kozen wij hem als vlaggendrager bij de sluitingsceremonie. Dat jaar werd Maarten ook sportman van het jaar. De cirkel was rond.

Maarten verbindt nu zijn zwempresetaties aan het lot van vele kankerpatiënten. Zo zwom hij bijvoorbeeld in 2004 in een recordtijd van 4.20,48 uur het IJsselmeer over om geld in te zamelen voor KWF Kankerbestrijding. Na vele andere acties is hij nu in een onmogelijke uitdaging gestapt. De Elfstedentocht niet op de schaats maar zwemmend afleggen. Ik heb via internet, radio en tv de voortgang van zijn race gevolgd. Wat een ongelooflijke prestatie. Onmenselijk. En wat dit losmaakt bij supporters. Dorpsbewoners in Friesland die zondagnacht massaal uitliepen om langs de waterkant hem aan te moedigen tijdens zijn monstertocht. Boeren schenen met de koplampen van hun trekkers in sloten om het de zwemmer wat makkelijker te maken. In de dorpen waar hij passeerde, werd hij hartstochtelijk toegejuicht. Bij de start in Leeuwarden stonden al veel mensen langs de kant en dat zijn er alleen maar meer geworden. Vanuit alle hoeken wordt Maarten een hart onder de riem gestoken. Langs de kant, op twitter en het internet. Bekende en onbekende Nederlanders die hem op allerlei manieren toejuichen en steunen in zijn actie. Hoezo sport verbindt!

Inmiddels weet ik dat Maarten de finish in Leeuwarden niet heeft gehaald. Na 163 kilometer en ongeveer 55 uur zwemmen heeft hij zijn tocht gestaakt. Fysiek op. En, misschien wel symbolisch, heeft moeten stoppen doordat hij ziek is geworden. Dat doet helemaal niets af van de glans van deze prestatie. De man die voor dit goede doel zijn baan opzegde om geheel vrijwillig 200 kilometer te gaan zwemmen. Zelf zal hij wel balen. Maar Maarten van der Weijden verdiend groot respect en een hele diepe buiging van ons allemaal!

Modern cricket, awesome.

Voor mijn werk ben ik in Bangalore, India. Na een drukke dag klik ik op mijn hotelkamer de televisie aan. Ik val midden een cricket wedstrijd uit de Indian Premier League (IPL). Zeg maar de nummer één competitie te vergelijken met de magnitude van de Engelse voetbalcompetitie. Ze spelen Twenty20 wat de ‘snelle’ variant van het traditionele cricket spel is. Het blijkt een samenvatting te zijn van de finale tussen Chennai Super Kings en Sunriser Hydrabad. Ongelooflijk hoeveel exposure er voor deze match is. Die eind mei al is gespeeld. Zowat alle sportzenders hebben items over deze match, maar ook nieuws en andere kanalen zenden beelden uit.

De volgende dag spreek ik met Indiase collega’s over deze voor mij ‘oudbollige’ uitstraling van deze sport. Een behendigheidsspel wat soms vijf dagen kan duren. Wat een mispeer! Het moderne cricket heeft zich ontwikkelt tot een complete entertainment industrie zonder de essentie van de sport uit het oog te verliezen. De IPL is in korte tijd uitgegroeide tot de succesvolste cricketcompetitie in de wereld. Spelers uit de hele wereld die voor veel geld worden aangekocht, en in ‘Bollywood-style’ aan het publiek worden voorgesteld.